(0)

Selecteer Regio

Jobstudent en Arbeidsrecht

Wie & wanneer, contract, proefperiode, loon, feestdagen, ontslag, ...


Wie kan aan de slag als jobstudent?

Elke jongere vanaf 16 jaar, kan een “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten” afsluiten.
Je kan eveneens als jobstudent werken:

  • Als je 15 jaar bent en tenminste de eerste twee jaren van het secundair onderwijs met volledig leerplan hebt doorlopen (je hoeft dus niet geslaagd te zijn).
  • Als je vrije student, thesisstudent, doctoraatsstudent of aggregatiestudent (lerarenopleiding) bent en als je een examen voor de centrale examencommissie voorbereidt, voor zover je hoofdstatuut dat van student is.
  • Als je een contract deeltijds leren / werken hebt én enkel kinderbijslag ontvangt (en dus geen werkloosheidsuitkering of loon of een andere uitkering): kan je als jobstudent enkel werken tijdens de schoolvakanties.

Buitenlandse studenten uit een land dat geen deel uitmaakt van de Europese Economische Ruimte (E.E.R) kunnen werken tijdens de schoolvakanties zonder arbeidskaart noch -vergunning. Zij moeten wel wettig in België verblijven en hoger onderwijs met volledig leerplan volgen.

Je komt niet in aanmerking:

  • Als je ononderbroken meer dan 12 maanden bij dezelfde werkgever werkt.
  • Als je avondonderwijs of onderwijs met een beperkt leerplan (minder dan 15 uren per week) volgt.
  • Als je als stagiair onbetaalde arbeid verricht die deel uitmaakt van je opleiding


Wanneer aan het werk als jobstudent?

Als jobstudent werk je met een jobstudentencontract. Officieel wordt dit contract omschreven als “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten”. Het is perfect mogelijk om bijvoorbeeld als arbeider of bediende te werken met een jobstudentencontract, dus onder de noemer van “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten”. Verwar dit evenwel niet met een ander regulier contract als bijvoorbeeld een contract voor bedienden of een contract voor arbeiders!

Met zo een jobstudentencontract kan je werken tijdens de schoolvakanties, maar ook tijdens het schooljaar, bijvoorbeeld tijdens het weekend of op woensdagnamiddag. In principe is het zelfs toegelaten dat je het hele jaar door zou werken.

Met een “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten” kan je nooit langer dan 12 maanden ononderbroken werken bij dezelfde werkgever. Ook opeenvolgende contracten bij dezelfde werkgever worden aanzien als één periode en mogen die termijn van 12 maanden niet overschrijden. In beide gevallen wordt je jobstudentencontract niet meer als dusdanig beschouwd, maar gelijkgesteld met een arbeiders- of bediendencontract. M.a.w. een contract zonder einddatum, en dus van onbepaalde duur, kan dus onmogelijk een jobstudentencontract zijn.

Het is dus perfect mogelijk dat je student bent en bijvoorbeeld met een arbeiders – of bediendencontract werkt. Je kan er mee aan de slag zowel tijdens de schoolvakanties als in het schooljaar. Maar dan gelden er wel andere regels dan wanneer je met een jobstudentencontract werkt.

Let op!

Werk je met een ander contract dan een jobstudentencontract dan kan je bijvoorbeeld je kinderbijslag verliezen van zodra je tijdens het schooljaar 240 uren per kwartaalof meer werkt. Ook de opzegperiode en de proeftijd duren langer.  Een contract voor bepaalde duur (dus met een begin- én een einddatum) kan je ook niet vroegtijdig beëindigen.


Jobstudenten moeten werken met een contract

Zorg ervoor dat je steeds een schriftelijke “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten” krijgt, ten laatste op de dag dat je begint te werken.

Ook indien je als student met een andere arbeidsovereenkomst werkt, geldt deze regel. Een schriftelijk contract is nog altijd het beste wapen tegen allerlei misbruiken. Indien er zich toch een probleem voordoet, dan heb je iets in handen om op terug te vallen.

Zwartwerk heeft trouwens helemaal geen voordelen voor een jobstudent! Alleen je werkgever wordt er beter van terwijl je zelf riskeert in de problemen te geraken! Onvoldoende of zelfs helemaal niet betaald worden, onbetaalde overuren moeten presteren, ontslagen worden zonder geldige reden, zonder opzegperiode of –vergoeding,… het komt allemaal meer voor dan je denkt.

Een jobstudentencontract moet altijd in drie exemplaren opgemaakt worden: één voor jou, één voor je werkgever en een derde dat je werkgever binnen de 7 dagen moet opsturen aan de Inspectie van de Sociale Wetten. Zorg ervoor dat je zelf altijd een exemplaar ontvangt en dat de inhoud ervan dezelfde is dan die van de andere exemplaren.

Als er geen schriftelijke overeenkomst afgesloten is of niet alle vereiste gegevens staan erin, dan ben je als student volgens de wet in dienst met een overeenkomst van onbepaalde duur. In dit geval kan jijzelf onmiddellijk en zonder verbrekingsvergoeding een einde stellen aan de overeenkomst en dus opstappen.

Jouw werkgever zal in dit geval echter wel de opzeggingstermijn van een overeenkomst voor onbepaalde duur moeten toepassen. Niettemin ben je als jobstudent steeds beter beschermd met een schriftelijk contract, ook als het niet correct werd opgesteld. In dat geval kan je steeds een beroep doen op de vakbond. In het geval van een mondelinge overeenkomst heb je niets in handen om je gelijk te halen.


Wat moet er in het contract staan

In een modelcontract van een schriftelijke “overeenkomst voor tewerkstelling van studenten” (m.a.w. hét jobstudentencontract) moeten zeker volgende gegevens staan:

· Naam, adres, geboortedatum van de jobstudent
· Naam, adres en verblijfplaats van de wettelijke werkgever
· Begin– en einddatum van de tewerkstelling
· De plaats waar de jobstudent zal werken
· Een beknopte functieomschrijving van de jobstudent
· De duur van de eventuele proefperiode
· Het uurrooster per week/werkuren
· Begin en einde van de arbeidsdag, het tijdstip en de duur van de rusttijden en de eventuele dagen van onderbreking van de arbeid
· Het loon en de eventuele voordelen in natura (bijvoorbeeld ontbijt, middagmaal, overnachting)
· De datum van uitbetaling
· De toepassing van de Wet van 12 april 1965 op de bescherming van het loon
· Het bevoegde paritaire comité (m.a.w. de sector waarin de jobstudent is tewerkgesteld)
· Het adres en telefoonnummer van de bedrijfs- of interbedrijfsgeneeskundige dienst
· De plaats van de verbandkist
· De namen en contactgegevens van de syndicale afvaardiging, de ondernemingsraad en/of van het Comité voor Preventie en Bescherming op het werk
· Het adres en het telefoonnummer van de Inspectie van de sociale wetten van de regio waarin de jobstudent is tewerkgesteld

Naast het contract moet je ook een kopie van het arbeidsreglement krijgen en hiervoor een ontvangstbewijs tekenen!


Voorbeeld van een studentencontract

OVEREENKOMST VOOR TEWERKSTELLING VAN STUDENTEN

Tussen…………(naam en adres), werkgever, vertegenwoordigd door………… en …………(naam en adres), student, geboren te (plaats)…………op (datum)………… is overeengekomen hetgeen volgt:

Art. 1: De werkgever neemt de student in dienst in de hoedanigheid van………… (bediende of arbeider).
Art. 2: De overeenkomst begint op…………(datum) en eindigt op…………(datum).
Art. 3: De plaats van de uitvoering van de overeenkomst bevindt zich te…………
Art. 4: De student wordt aangeworven om de functie van…………uit te oefenen.
Art. 5: De student verbindt zich…………uren per week te werken, en …………uren per dag.
Art. 6: De bezoldiging van de student wordt vastgesteld op €……… per (uur, dag, maand)………… BRUTO op basis van (wijze van berekening van het loon) de index van (het jaar)………… Dit loon omvat, naast het gedeelte in geld, bovendien nog de volgende voordelen…………(bv. eventueel host en huisvesting) . Deze voordelen worden bij aanvang geraamd op €……… per (uur, dag, maand).
Art. 7: Het loon zal uitbetaald worden op (datum) …………door middel van…………(hand tot hand, postmandaat, storting op post- of bankrekeningnummer).
Art. 8: De wet van 12 april 1965 betreffende de bescherming van het loon der werknemers is toepasselijk op de huidige overeenkomst.
Art. 9: De overeenkomst is gesloten op proef voor een periode van (datum) ………… tot (datum)…………(minimum 7 dagen en maximum 14 dagen).
Art. 10: De plaats van de huisvesting van de student (indien de werkgever huisvesting voorziet) is gelegen te………… .
Art. 11: De onderneming van de werkgever valt onder het paritair comité nr. …………(benaming).
Art. 12: De arbeidsdag vangt aan om…………u en eindigt om…………u. Er is een rusttijd met de duur van…………voorzien om…………u. De dagen van regelmatige onderbreking van de arbeid zijn………… .
Art. 13: De Heer / Mevrouw (naam)…………die overeenkomstig het Algemeen Reglement op de Arbeidsbescherming aangewezen is om de eerste hulp te verlenen, bevindt zich (plaats)…………en is te bereiken………… .
Art. 14: De bij het ARAB vereiste verbandkist bevindt zich (plaats)………… .
Art. 15: De werknemersvertegenwoordigers in de ondernemingsraad zijn (namen) …………en kunnen gecontacteerd worden…………(plaats).
Art. 16: De werknemersvertegenwoordigers in het comité voor preventie en bescherming op het werk van de onderneming zijn…………(namen) en kunnen gecontacteerd worden…………(plaats).
Art. 17: De leden van de vakbondsafvaardiging zijn (namen)…………en kunnen gecontacteerd worden…………(plaats).
Art. 18: De bedrijfs- of interbedrijfsgeneeskundige dienst is………… . Adres:………… Telefoon:………… .
Art. 19: De werkgever ressorteert onder het district…………van de inspectie van de sociale wetten van het Federaal Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid. Adres:………… . Telefoon:………… .

in drievoud opgemaakt, te (plaats)…………op (datum)………… .
Handtekening student    Handtekening werkgever


Jobstudent en zwartwerk

ABVV-jongeren raden je in elk geval aan geen zwartwerk te doen. Veel jobstudenten denken immers dat ze met zwartwerk meer kunnen verdienen omdat ze geen RSZ-bijdragen of belastingen moeten betalen. (De werkgever zal het zwartwerk zelf nog trachten te promoten omdat het voor hem heel wat voordelen oplevert).

Niets is minder waar. Als zwartwerker kom je bij problemen in je hemd te staan. Je hebt immers geen enkele garantie  - tenzij misschien het gegeven woord van je werkgever. Zo valt het bijvoorbeeld regelmatig voor dat een jobstudent die in het zwart werkt geen loon krijgt op het einde van de maand. Dit is volstrekt logisch. Zonder contract kan de baas immers met jou doen wat hij zelf wil. We willen het daarom nogmaals benadrukken: denk steeds aan je contract en ga niet uit van de eventuele voordelen. Deze zijn slechts schijn en kunnen je duur te staan komen. 

Gevolgen voor de werkgever
In principe is het de werkgever die aansprakelijk gesteld wordt voor het zwartwerk. Hij nam immers de werknemers in dienst. Naargelang de situatie zal de werkgever aangeklaagd worden.
In het beste geval zal hem gevraagd worden om de situatie in orde te brengen, in het slechtste geval zal hem een zware boete opgelegd worden. Indien de werkgever alles in orde brengt bestaat de kans dat de jobstudent zijn job – nu volgens alle regels – behoudt.

Gevolgen voor de jobstudent
Het is mogelijk dat je bij een inspectie als jobstudent een opleg krijgt m.b.t. je loon. Dit als gevolg van het feit dat je werkgever je te weinig betaalde. Belangrijker is de mogelijkheid dat je problemen krijgt met de fiscus. Ook in het geval van een arbeidsongeval ben je op geen enkele manier verzekerd.
Soms kan het voorkomen dat de werkgever de door hem niet betaalde RSZ -bijdragen terugeist van de jobstudent. De jobstudent is echter onder geen enkele omstandigheid verplicht om deze terug te geven en mag dit dus weigeren.


Het arbeidsreglement

Naast het contract moet de werkgever jou tijdens de eerste werkdag een kopie bezorgen van het arbeidsreglement. Ter bevestiging onderteken je een document als bewijs van ontvangst. Het arbeidsreglement moet ook steeds op een vaste plaats op de werkvloer aanwezig zijn.

In het arbeidsreglement zijn nog bijkomende rechten en plichten opgenomen van de werkgever en de werknemer. Er worden ook nog de specifieke arbeidsvoorwaarden door geregeld die in de onderneming van toepassing zijn. Zo moeten bijvoorbeeld in het arbeidsreglement de 10 officiële feestdagen vermeld worden.

Bestaat er geen arbeidsreglement in jouw bedrijf, dan moet het contract onder andere ook het werkrooster vermelden, de plaats waar de verbandkist te vinden is en de contactpersoon die de jobstudent kan inlichten in geval van moeilijkheden.


De praktische proef

Een praktische proef is een test die aan de aanwerving van een jobstudent kan voorafgaan. Het moet gaan om een opdracht die enkel dient om een geschikte kandidaat te selecteren. Niet elke werkgever maakt hier echter gebruik van. In de meeste gevallen zal een gesprek voldoende zijn als selectiemiddel.

Toch zijn er werkgevers die hiervan misbruik maken. Zij vragen de jobstudent om 1 of 2 dagen op proef te komen werken. Pas daarna kan de jobstudent dan eventueel zijn contract krijgen.Vaak wordt voor die dagen op proef geen loon uitbetaald. Een dergelijke werkwijze is niet wettelijk! Je hoeft er dan ook niet op in te gaan.

De werkgever mag de jobstudent wel laten kennismaken met de aard van het werk. Het moet dan altijd gaan om beperkt werk (gelegenheidsprestaties). De opgelegde taak mag niet nuttig zijn voor de werkgever. De opgelegde proef mag niet langer duren dan nodig om de bekwaamheid van de sollicitant te testen. Enkel in deze situatie is het toegestaan dat er geen vergoeding of loon betaald wordt. Het gaat dan echt om een sollicitatieproef.


Een verplicht onthaal

De werkgever is verplicht je tijdens de eerste werkdag een aangepast onthaal te geven. Een goed onthaal kan ongelukken en misbruiken voorkomen. Je baas moet je een heleboel informatie geven: over je loon, het werk dat je moet doen, de veiligheidsmaatregelen,…

Hij moet je eveneens een rondleiding geven in het bedrijf. De patroon moet vooraf de Ondernemingsraad (enkel in een bedrijf met 100 werknemers of meer), het Comité voor Preventie en Bescherming (enkel in een bedrijf met minstens 50 werknemers) en de syndicale afvaardiging inlichten over jouw komst en de organisatie van je onthaal.

De werkgever (of zijn afgevaardigde) moet hierbij de aandacht vestigen op:

  • De aard van het uit te voeren werk en de daaraan verbonden risico’s. Het gebruik van toestellen, machines en gevaarlijke producten.
  • De na te leven voorschriften m.b.t. de eerste hulp, de brandbestrijding en de evacuatie van de werknemers.
  • De verschillende preventie- en beschermingsmaatregelen.
  • De in de onderneming bestaande veiligheids- en gezondheidsorganen.

Indien je geen onthaal krijgt, vraag er dan zelf naar of contacteer de ABVV-delegee in het bedrijf.


De proefperiode

In je contract kan een proefperiode voorzien zijn. De proefperiode bedraagt minimum 7 en maximum 14 kalenderdagen. Tijdens de eerste 7 dagen kan de overeenkomst niet opgezegd worden. Er geldt evenwel één uitzondering: om dringende redenen. Een dergelijke reden kan ingeroepen worden ingeval van bijvoorbeeld diefstal.

Onthoud in ieder geval dat je tijdens je proefperiode niet zomaar aan de deur kan worden gezet, maar dat jij ook niet zomaar kan opstappen. Tijdens de tweede week kan de overeenkomst eenzijdig beëindigd worden zonder opzeggingstermijn of –vergoeding. Je kan tijdens deze periode dus op elk moment ontslag nemen of ontslagen worden.

De proeftijd kan wel geschorst worden. Bijvoorbeeld omdat je ziek bent. In dat geval kan je proefperiode verlengd worden met de duur van de schorsing. Maar nooit met meer dan 7 dagen.
In je proeftijd moet je altijd betaald worden volgens het loon voorzien voor de tewerkstelling. Er bestaat niet zoiets als “een proefloon”.


Hoeveel verdient een jobstudent?

Eigenlijk bestaat er niet zoiets als het “jobstudentenloon”. Het loon dat je als jobstudent verdient, is afhankelijk van ondermeer je leeftijd en de functie die je uitoefent.

Het loon van de jobstudent wordt bovendien gebaseerd op de afspraken die voor de sector zijn vastgelegd in een CAO (Collectieve Arbeidsovereenkomst). Indien er voor de sector geen afspraken gemaakt zijn moet de jobstudent minstens het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen krijgen. Je werkgever mag je in geen geval nog minder betalen.

Wij geven je een overzicht van het bruto minimumloon en het daarvan afgeleide bruto jeugdloon, voor werknemers die jonger zijn dan 21 jaar en die tenminste 1 maand werken (cijfers 1/12/2012).

Leeftijd % Maandloon Uurloon 38u/week
211001 501,829,12
20941 411,718,57
19881 321,608,03
18821 231,497,48
17761 141,386,93
16701 051,276,38
15701 051,276,38

Je kan bij ons steeds terecht voor minimumlonen voor de sector waarin je tewerkgesteld bent. In de meeste gevallen liggen die immers hoger dan de hierboven vermelde bedragen.

In sommige sectoren (bv. in de horeca) bestaan er nog andere vormen van loon. Fooien kunnen een belangrijk deel zijn van het loon. Indien de jobstudent met zijn fooien niet aan het minimum komt, dan moet de werkgever dit bedrag aanvullen.

Wat maaltijdcheques betreft, deze zijn niet onderworpen aan RSZ-bijdragen.

Een deel van het loon kan ook in natura worden betaald. Het moet dan wel duidelijk in het contract vermeld zijn. De waarde van huisvesting mag echter de volgende bedragen per dag niet overschrijden: ontbijt (€ 0,55), middagmaal (€ 1,09), avondmaal (€ 0,84), overnachting (€ 0,74).


Hoeveel uren mag een jobstudent werken ?

De wekelijkse arbeidsduur én je uurrooster moeten duidelijk in de overeenkomst voor studenten en in het arbeidsreglement (dat je op je eerste werkdag krijgt) vermeld staan.

Als algemene regel geldt dat je niet meer dan 38 uur per week en niet meer dan 9 uur per dag werkt.

Op deze algemene regel zijn echter zeer veel uitzonderingen, de beruchte flexibiliteit. Het is dus toegelaten dat je meer uren per dag en/of per week mag werken.


Mag een jobstudent overuren maken?

Je mag in bepaalde gevallen overuren presteren. De werkgever moet dan de Inspectie van de Sociale Wetten verwittigen.

Er moet echter aan een aantal voorwaarden voldaan zijn. Zo moet er een duidelijke reden zijn zoals bijvoorbeeld een onverwachte toename van het werk. 

De algemene regel is evenwel dat werknemers jonger dan 18 jaar geen overuren mogen doen. Indien er afwijkingen zijn dan moeten die aan bepaalde voorwaarden voldoen.


Mag een jobstudent avond-en nachtwerk doen?

Nachtarbeid, dit is arbeid tussen 20u en 6u, is in principe verboden.

  • Ben je jonger dan 16 jaar, dan wordt deze regel strikt toegepast. Je mag dan maar werken tot 20u.
  • Ben je tussen 16 en 18, dan mag je bijvoorbeeld in hotels en restaurants tot 22 uur werken. In dat geval moet de Inspectie van de Sociale Wetten verwittigd worden. Bovendien moet  er vervoer naar huis (ofwel openbaar vervoer, ofwel vervoer door de werkgever voorzien) gegarandeerd zijn.
  • Ben je ouder dan 18, dan worden er meer uitzonderingen toegestaan. Maar ook die zijn strikt omschreven.

Ook voor ploegenarbeid en voor werken die niet mogen onderbroken worden, bestaan er specifieke afwijkingen.


Jobstudent en werken op zondag

Zondagswerk is in principe verboden. Maar ook hier voorziet de wet een aantal welomschreven afwijkingen.

In sommige gevallen mag je als jobstudent op zondag werken, op voorwaarde dat je werkgever de sociale inspectie 3 dagen vooraf hierover verwittigt.

Indien de sociale inspectie vooraf wordt ingelicht dan kan je als jeugdige werknemer (= jonger dan 18 jaar en niet meer onderorpen aan de voltijdse leerplicht) 1 op 2 zondagen werken, maar dan moet je of de dag voordien of de dag nadien een extra rustdag krijgen. 


Jobstudent en feestdagen

Per jaar zijn er 10 officiële, betaalde feestdagen en die moeten in het arbeidsreglement van de onderneming worden vermeld.

Als er zo’n feestdag valt in de periode waarover je contract loopt, dan moet je daarvoor betaald worden. Je hoeft die dag dus niet te werken.

Indien je toch moet werken, moet je die dag kunnen recupereren. In dat geval heb je recht op een andere, betaalde vrije dag.

Overuren op een feestdag moeten 100% extra vergoed worden. Je werkgever moet je voor die overuren dus dubbel betalen.

  • Wanneer je als jobstudent tewerkgesteld bent voor een periode van 15 dagen tot 1 maand (zonder onderbreking die aan jezelf is toe te schrijven) is de werkgever verplicht het loon te betalen voor 1 feestdag. Voorwaarde is dat de feestdag valt in de periode van 14 dagen na het einde van je contract.
  • Werk je langer dan 1 maand (eveneens zonder onderbreking die aan jezelf is toe te schrijven), dan moet de werkgever je het loon uitbetalen voor alle feestdagen in een periode van 30 dagen na het einde van de arbeidsovereenkomst.

Let op. Deze regeling geldt niet als je na beëindiging van je contract bij een andere werkgever gaat werken.


Jobstudent en ontslag

Een studentencontract is een contract van bepaalde duur.

Als alles naar wens verloopt, eindigt het zonder vooropzeg en zonder formaliteiten op de aangegeven datum.

De werkgever moet je de volgende documenten bezorgen: een individuele rekening, een loonstrookje, een fiscale fiche (om eventueel later belastingen te betalen of terugbetaald te krijgen), eventueel een bijdragebon voor het ziekenfonds en een verlofattest voor bedienden.

Opzeggen van de overeenkomst

De werkgever en de student kunnen, indien één van beiden dit wenst, de overeenkomst ook vroegtijdig opzeggen. Dit is een uitzondering op de normale regels van het arbeidsrecht!In dat geval moet er wel een opzegtermijn gerespecteerd worden die varieert volgens de duur van de overeenkomst en de opzeggende partij:

Duur van de overeenkomst  Opzeggende partij
Student Werkgever
 Maximum 1 maand 1 dag 3 dagen
 Meer dan 1 maand 3 dagen 7 dagen

Wie een contract vroegtijdig wil beëindigen, doet dat schriftelijk. Zorg er ook voor dat je een ontvangstbewijs voor je opzegbrief van de andere partij in handen hebt.
De jobstudent kan een opzegbrief afgeven aan de werkgever en een kopie laten tekenen voor ontvangst.

Omgekeerd mag de werkgever je op die manier geen ontslag geven. De veiligste weg is echter een aangetekende brief met daarin het begin en de duur van de opzeggingstermijn op te maken.

Die aangetekende brief verstuur je ten laatste op een woensdag (als er een feestdag tussenzit: de dinsdag). De opzegperiode begint pas te lopen vanaf de eerste maandag nadien.
Je ontslagbrief heeft immers pas uitwerking vanaf de derde werkdag (= alle dagen behalve de zon- en feestdagen) na verzending. De opzegperiode begint altijd te lopen vanaf de eerste maandag nadien.

Terug Top